Gastblog door Pieter van Kuilenburg

Wanneer je je reis naar Ithaca aanvangt,
bid dan dat de weg lang mag zijn,
vol avontuur, rijk aan stof tot kennis.

Ithaca – Konstantínos P. Kaváfis (vertaald uit het Grieks door Cornelis Buddingh’)

Het heeft zo zijn voordelen om niet christelijk te zijn opgevoed. Ik mag graag denken dat het ontbreken van een christelijke opvoeding me in staat stelt onbevangen te kijken naar verschillende manieren van geloven, denken en vieren. Op geloofsreis zonder al te veel bagage: heerlijk. Toch? Vaak wel. Al heb ik ook wel eens het gevoel dat wat meer basisuitrusting niet verkeerd was geweest.

Mijn geloofsreis is begonnen toen ik ging studeren. In de loop van de jaren groeide het verlangen om mijn relatie met God te bevestigen door me te laten dopen. In de voorbereiding daarop stelde de predikante mij de vraag: wat geloof je eigenlijk? Een vaste geloofsbelijdenis zat niet in mijn basisuitrusting, dus die vraag was niet een-twee-drie beantwoord.

Ik ben me gaan verdiepen in de oude geloofsbelijdenissen. Mooie teksten, kernachtig, getuigend van een doorleefd geloof. Maar ook ouderwets, muf en met rare bewoordingen. “De opstanding des vlezes” was voor mij een steen der struikeling. Mijn geest bleef zich verzetten tegen het beeld van rottende lijken die uit hun graf verrijzen. Natuurlijk is de tekst in de belijdenis niet zo bedoeld: het bevat symboliek, is de neerslag van een traditie… Maar waarom zou ik mijn geloof belijden met woorden die onmiddellijk weerstand bij me oproepen? Het was duidelijk: die oude geloofsbelijdenissen waren voor mij niet geschikt.

De predikante deed de suggestie dat ik ook zelf een belijdenis zou kunnen schrijven. Een paar weken heb ik van alles geprobeerd. Uiteindelijk had ik iets op papier wat ik goed genoeg vond. Niet perfect, maar goed genoeg. Ik legde de tekst weg, blij dat de klus eindelijk geklaard was.

Een paar dagen later las ik mijn belijdenis opnieuw. Toen pas realiseerde ik me wat er gebeurd was: ik had iets op papier gezet dat – zowel qua vorm als qua inhoud – verdacht veel leek op een oude geloofsbelijdenis! Gniffelend denk ik nu terug aan dat moment. Uiteindelijk bleek het een fraai staaltje puberale zelfoverschatting, te denken dat die oude belijdenissen voor mij niet geschikt zijn.

Toch ben ik blij met de manier waarop het gegaan is: ik heb op een oprechte manier mijn geloof kunnen belijden én ik heb me in ieder geval één keer afgevraagd wat ik nu precies geloof. Dat laatste kan ik iedereen aanbevelen. Ook als je al lang belijdenis gedaan hebt: probeer eens om zelf je belijdenis te schrijven.

Misschien komen alleen de positieve aspecten uit de christelijke traditie op papier: “God is liefde” en dat soort dingen. Of er blijkt juist dat de God der wrake een bovenmatig grote rol krijgt. Cherry picking, heet dat in de wetenschap: alleen díe data gebruiken, die goed in je verhaal van pas komen. Bij het schrijven van een belijdenis lijkt cherry picking me helemaal niet zo erg. Het zegt iets over je band met God, over je geloofsreis tot nu toe. Juist daarom is het waardevol om zo af en toe opnieuw op te schrijven wat je gelooft. Niet opschrijven wat je zou moeten geloven of wat je daarover zou moeten zeggen. Gewoon een keer eerlijk: wat geloof ik eigenlijk?

Pieter van Kuilenburg is moleculair bioloog en woont sinds kort in Noorwegen.

Beeld: Signorelli – Wederopstanding des vlezes (detail) 1499-1502 Fresco Kapel San Brizio, Duomo, Orvieto, Italië.