Hoe komt het dat de Panama papers tot zoveel maatschappelijke onvrede leiden? Verrast het ons dat maximalisatie van winst zwaarder telt dan morele overwegingen?

De laatste weken kun je er niet omheen: de Panama-papers. Een groot internationaal onderzoek waar onder meer Trouw en het FD aan meewerkten, legt bloot wat we eigenlijk al lang wisten: er bestaan op grote schaal brievenbusfirma’s waardoor bedrijven fiscale regels omzeilen en weinig tot geen belasting betalen. De uitkomsten van het onderzoek zijn niet echt verrassend, maar brengen wel discussie teweeg: hoe kan het zijn dat op zulke grote schaal belasting ontweken wordt, zonder dat er iets aan wordt gedaan? Je kunt je afvragen of het om belastingontwijking gaat (zoals o.a. Joris Luyendijk en Diederik Samsom het bestempelen) of dat het een stapje erger is, namelijk belastingontduiking (zoals bijvoorbeeld hier wordt gesteld), maar hoe het ook zij: het is duidelijk dat dit soort constructies onwenselijk zijn.

Een belangrijke vraag die je bij de Panama papers kunt stellen, heb ik in de meeste reacties echter gemist. Dat is de vraag of en waarom het eigenlijk een probleem is, die brievenbusfirma´s en belastingontwijking dan wel -ontduiking. Met de dominante rol van het marktdenken in onze maatschappij, is zoveel mogelijk omzet en winst realiseren uiteindelijk toch de enige waarde die telt? Kennelijk is het hiervoor nodig om creatieve constructies te verzinnen om zo minder belasting te hoeven betalen. Dit is dan geen probleem, maar gewoon een nieuwe doorbraak van het marktdenken.

Om het wat dichter bij huis te halen: is voor ons maximering van waarde (financieel, of als het gaat om onze gezondheid of status) niet ook van doorslaggevend belang bij keuzes die we maken? En waarom is dat verkeerd? Ik weet het, het is niet helemaal hetzelfde, maar bij mijn belastingaangifte onderzoek ik ook altijd de maximale teruggave, die afhankelijk is van het aandeel van de aftrekposten die je aan jezelf en aan je partner toeschrijft. Met minimalisering van het betalen van belasting (en dus maximalisatie van mijn eigen financiële middelen) als doel. Ben ik dan net zo fout als de bedrijven en personen die naar voren komen uit de Panama papers? Of als je in een auto rijdt met minimale fiscale bijtelling op grond van resultaten van testen in een laboratorium, die in de praktijk nooit gehaald worden; is het dan wel terecht dat je minder belasting betaalt?

Het is goed om wat afstand te nemen en de vraag te stellen naar het waarom van belasting betalen enerzijds en het maximalisatiedenken anderzijds. Belasting betalen vindt niemand leuk, maar hoort bij het leven in een gemeenschap. Als je gebruikmaakt van de middelen en de infrastructuur van een land, is het logisch dat daar een tegenprestatie voor wordt gevraagd. Daarnaast kan een verzorgingsstaat ook niet functioneren zonder een brede financiële ondersteuning. Gericht zijn op (financiële) maximalisatie is een handige manier om in het dagelijkse leven keuzes te maken. Tegelijk zitten er grenzen aan deze manier van denken en is het goed om je hier bewust van te zijn. Niet alles is in termen van geld en nut en maximalisatie daarvan te vangen. Neem zaken als de waarde van het leven of van liefde, of de zorg voor het milieu. Die dingen passen niet in een simpele rekensom.

Waarom vinden we de praktijken uit de Panama papers een probleem? Omdat we onbewust aanvoelen dat dit handelen botst met hoe belastingregels bedoeld zijn. En ook dat maximalisatie van winst niet het enige is dat telt. Tegelijk hoeven we niet naar de Panama papers te kijken om getuige te zijn van het maximalisatiedenken. Het is een van de pijlers van onze maatschappij en cultuur. Het heeft ons veel gebracht, maar er zijn grenzen aan deze manier van denken. Niet alles is te koop.